Ben je geïnteresseerd in de aansluiting tussen het voortgezet onderwijs en het wetenschappelijk onderwijs? Wil je de kwaliteit van het wetenschappelijk onderwijs verbeteren? Dan ben jij misschien de junior onderzoeker die we zoeken.
De overgang naar het wetenschappelijk onderwijs (wo) is voor veel studenten een ingrijpende levensgebeurtenis. Het eerste jaar op de universiteit brengt nieuwe verwachtingen, verantwoordelijkheden en sociale omgevingen met zich mee. Dit maakt het eerste jaar uitdagend en niet alle studenten slagen erin om deze transitie soepel te doorlopen.
Hoewel er steeds meer aandacht is voor deze overgang, ligt de nadruk vaak op de student zelf, bijvoorbeeld op diens motivatie, studievaardigheden en psychosociale competenties. Eerder onderzoek binnen onze universiteit laat zien dat voorbereidende programma’s, zoals talententrajecten en zomerbrugprogramma’s, hierin kunnen ondersteunen. Deze interventies zijn echter kortdurend en vrijwillig, waardoor ze slechts een deel van de studenten bereiken.
Het reguliere eerstejaars bacheloronderwijs (BA1) biedt daarentegen een structurele kans om álle studenten te ondersteunen in hun academische én sociaal-emotionele ontwikkeling. Dit vraagt om een bredere kijk op de transitie, waarin niet alleen de student, maar ook de inrichting van het wo-onderwijs en de rol van docenten centraal staan.
Je onderzoekt hoe de inrichting van BA1-onderwijs studenten ondersteunt in hun academische ontwikkeling en welzijn. Welke elementen werken goed (good practices) en waar zien studenten verbeterpunten? Het onderzoek bestaat uit een literatuurstudie en een kwalitatieve studie bij studenten van diverse studierichtingen. De inzichten helpen programma’s van elkaar te leren en dragen bij aan curriculumontwikkeling, docentprofessionalisering en kansen(on)gelijkheid in het wo. Zo versterken we de aansluiting tussen vo en wo en stemmen we het eerstejaars onderwijs beter af op een diverse studentenpopulatie.
Een meer uitgebreide beschrijving van dit project kan je per e-mail opvragen bij
Petrie van der Zanden.